Johannesbroodpitmeel (LBG), ook bekend als johannesbroodgom, is een galactomannan-polysaccharide dat wordt gewonnen uit het endosperm van de zaden van de johannesbroodboom (Ceratonia siliqua), gewaardeerd om zijn synergetische gelvormende eigenschappen en hittebestendigheid.
Moleculaire Structuur
LBG heeft een lineaire ruggengraat van β-(1→4)-D-mannopyranose-resten met enkele α-(1→6)-D-galactopyranose-zijketens die elke 3,1–3,9 mannose-eenheden zijn bevestigd (galactose:mannose-verhouding ≈ 1:4), wat resulteert in polymeren met hoog molecuulgewicht (0,3–2,0 × 106 Da) met minimale vertakkingsvariabiliteit tussen cultivars. Röntgenanalyse toont een uitgebreide lintachtige vaste-stofconformatie die overgaat in semi-flexibele spoelen in oplossing, met amorfe poedermorfologie.
Extractie en Eigenschappen
Het endosperm (ongeveer 42 % van de pit) wordt gemalen, geroosterd (om enzymen te inactiveren), geflakt en geëxtraheerd met alcohol, wat een wit tot crèmekleurig poeder oplevert (pH 5,4–7,0, vochtgehalte < 14 %). LBG hydrateert langzaam in koud water (< 1 % oplosbaarheid bij 25 °C), maar dispergeert volledig bij verhitting (> 80 °C), waarbij niet-gelende viskeuze solen ontstaan die met boraten tot gelen kunnen worden omgezet. Het vertoont hoge thermische stabiliteit, zouttolerantie en shear-thinning-reologie, waarbij de intrinsieke viscositeit de uitgebreide ketendimensies weerspiegelt.
Biomedische en Farmaceutische Toepassingen
De biocompatibiliteit van LBG ondersteunt het gebruik in gecontroleerde afgifte-matrices en mucoadhesieve formuleringen. Het stabiliseert eiwitsuspensies en kan als prebioticum werken via selectieve fermentatie, hoewel beperkte klinische gegevens momenteel definitieve therapeutische claims beperken.

