Arabische gom, ook bekend als acaciagom, is een natuurlijk exsudaat dat wordt geoogst uit de stammen en takken van Acacia-bomen (voornamelijk Acacia senegal en A. seyal), gewaardeerd als complex glycoproteïne-polysaccharide vanwege zijn emulgerende en stabiliserende eigenschappen.
Moleculaire structuur
Arabische gom bestaat uit drie hoofdfracties: arabinogalactaan (AG, ~90 %, Mw ~300 kDa, <1 % eiwit), arabinogalactaan-proteïne (AGP, ~10 %, Mw 300–2000 kDa, 10–20 % eiwit) en glycoproteïne (GP, ~1 %, Mw >2000 kDa, hoog eiwitgehalte). De kern is sterk vertakt arabinogalactaan met β-(1→3)-galactose-ruggraten die β-(1→6)-gekoppelde galactose-zijketens dragen, gesubstitueerd door α-L-arabinofuranose, L-rhamnose en 4-O-methyl-D-glucuronzuur; hydroxyprolinerijke eiwitten vormen polyproline II-helices die grensvlakadsorptie mogelijk maken.
Winning en eigenschappen
Door het aftappen van Acacia-bomen ontstaan knobbels die handmatig worden verzameld, gedroogd en tot poeder gemalen (pH 4,5, dichtheid 1,35–1,49 g/mL, oplosbaarheid 43–48 % in water). De amfifilie van AGP zorgt voor visco-elastische films aan olie-water-interfaces, die druppelcoalescentie voorkomen door sterische en elektrostatische afstoting; oplossingen vertonen lage viscositeit (schuifverdunnend), hoge stabiliteit (pH 2–9, hitte tot 100 °C), emulgerend vermogen (~30 %) en een geurloos glazig uiterlijk.
Biomedische toepassingen
Hydroxyproline-glycosylering verbetert oplosbaarheid en bioactiviteit; AGP moduleert immuniteit, verlaagt cholesterol via binding aan galzuren en ondersteunt darmgezondheid als prebioticum, met klinisch bewijs voor nierbescherming en ontstekingsremmende effecten in modellen van inflammatoire darmziekten.

